De jacht op illegaal vuurwerk

celebrate-1835387_1920

Rondom de jaarwisseling was vuurwerk in de media een hot topic. Op social media werd gediscussieerd over een algeheel vuurwerkverbod, de politie deelde haar vuurwerkvangsten en het Openbaar Ministerie liet herhaaldelijk weten forse straffen te eisen in vuurwerkzaken.
Een harde aanpak van illegaal vuurwerk wordt betoogd, maar wat is illegaal vuurwerk precies? En wat houdt die harde aanpak dan in? In deze blog wordt ingegaan op het wettelijke web rondom illegaal vuurwerk.

Wat is illegaal vuurwerk?

Simpel gezegd omvat illegaal vuurwerk al het vuurwerk dat niet in de legale handel en binnen de vastgestelde verkoopdagen in Nederland wordt verkocht. Deze vastgestelde verkoopdagen zijn in principe 29, 30 en 31 december, behalve als één van deze dagen op een zondag valt. In dat geval mag het vuurwerk al op 28 december worden verkocht. Daarnaast kan bij illegaal vuurwerk worden gedacht aan knalvuurwerk, zoals lawinepijlen, bangers of shells. Het bezit van dit vuurwerk is in Nederland voor consumenten verboden. Hetzelfde geldt overigens voor siervuurwerk als Flowerbeds en Romeinse kaarsen. Tussen dit vuurwerk wordt overigens wel nog een onderscheid gemaakt.

Met betrekking tot dit onderscheid heeft het Openbaar Ministerie de Richtlijn voor strafvordering vuurwerkdelicten in het leven geroepen. In deze richtlijn is het vuurwerk in vier lijsten opgedeeld, die het Openbaar Ministerie vaak gebruikt bij het bepalen van de strafeis [1].

  • Lijst I: Verboden handelingen met consumentenvuurwerk. Bijvoorbeeld het aanwezig hebben van meer dan 25 kg consumentenvuurwerk
  • Lijst II: (Lichter) professioneel vuurwerk en niet-gedefinieerd vuurwerk, dat niet is genoemd in lijst III
  • Lijst III: Specifieke soorten professioneel vuurwerk en niet-gedefinieerd vuurwerk met meer dan 6 gram Netto Explosieve Massa (NEM) of met een lengte langer dan 55 mm. Bijvoorbeeld Cobra 6
  • Lijst IV: Zelfgemaakt vuurwerk of vuurwerk waaraan is geknutseld is

Naast de richtlijn wordt op basis van de vuurwetgeving zelf een andere indeling gemaakt. Het gaat dan om een indeling in categorieën op basis van het gevarenrisico van het vuurwerk. Deze indeling is als volgt:

  • Categorie F1: vuurwerk met zeer weinig gevaar (voorheen fop- en schertsvuurwerk)
  • Categorie F2 : vuurwerk met weinig gevaar (geschikt voor particulier gebruik)
  • Categorie F3: vuurwerk met middelmatig gevaar (meestal alleen bestemd voor professioneel gebruik)
  • Categorie F4: vuurwerk dat veel gevaar oplevert en uitsluitend bestemd is voor professioneel gebruik

De onderverdeling in lijsten en categorieën komt niet overeen, waardoor het in elke specifieke zaak van belang is concreet te bekijken welk vuurwerk is aangetroffen en aan de hand van kenmerken te bepalen binnen welke categorieën en/of lijsten dat vuurwerk valt. Zo vallen Flowerbeds in principe in categorie F2, maar kunnen zij zowel onder Lijst I en Lijst II van de richtlijn vallen. Dit heeft o.a. te maken met de Netto Explosieve Massa van het vuurwerk. Iets wat bij een eventuele veroordeling een groot verschil in de strafoplegging kan maken. Immers zullen verboden handelingen met consumentenvuurwerk (Lijst I) in beginsel worden afgedaan met een geldboete, terwijl bij veroordeling van een vuurwerkfeit met betrekking tot Lijst II veelal een taakstraf of gevangenisstraf zal volgen.

Wat voor straffen staan op vuurwerkdelicten?

Het bezit, de handel en de opslag van illegaal vuurwerk levert via het Vuurwerkbesluit, de Wet Milieubeheer en de Wet Economische Delicten een strafbaar feit op.

De wetgeving is complex en strafoplegging is maatwerk, maar in het algemeen kan worden gesteld dat een vuurwerkdelict ernstige gevolgen (kan) hebben voor de veiligheid en gezondheid van burgers.

De straffen variëren van geldboetes in verband met verboden handelingen met consumentenvuurwerk tot taakstraffen en gevangenisstraf indien sprake is van zwaarder, professioneel vuurwerk.

Harde aanpak

Politie en justitie zien het als prioriteit om de handel in illegaal vuurwerk terug te dringen. Niet alleen worden webshops opgerold, maar ook particulieren worden bezocht door politie met het verzoek het vuurwerk aan hen uit te leveren. Terwijl vroeger na een dergelijk bezoek met uitlevering, inbeslagname en een waarschuwing kon worden volstaan, ligt tegenwoordig een forse straf in het verschiet.

Zo volgt ook uit een recente uitspraak van de Rechtbank Overijssel. [2]

In die vuurwerkzaak heeft het Openbaar Ministerie een gevangenisstraf van 12 maanden, waarvan 3 voorwaardelijk geëist tegen een verdachte, die vuurwerk, zoals Cobra’s 6, vlinders, sharks en nitraten, via zijn Instagramaccount zou hebben verkocht aan minderjarigen.

De rechtbank overweegt dat bij deze vuurwerkfeiten een onvoorwaardelijke gevangenisstraf op zijn plaats is. Desondanks legt de rechtbank een voorwaardelijke gevangenisstraf op van 4 maanden met een proeftijd van 3 jaar en een taakstraf van 240 uur, omdat de verdachte tamelijk jong is en een blanco strafblad heeft. Niet alleen de handel in illegaal vuurwerk, maar ook het bezit van illegaal vuurwerk wordt streng bestraft.

Zo oordeelde het Gerechtshof Amsterdam eind 2018 dat het bezit van (slechts) 2 stuks Cobra 6 in beginsel een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 1 maand rechtvaardigt. Desondanks ziet het hof in de persoonlijke omstandigheden van de verdachte (en wellicht in het tijdsverloop) aanleiding deze straf voorwaardelijk op te leggen. [3]

Een opvallende uitspraak, daar in diezelfde zaak de economische politierechter in 2013 een geldboete van € 660,- op zijn plaats achtte. Desondanks volgt uit de uitspraken dat op de forse straffen soms wel een nuance is aan te brengen. Gelet op de ondoorzichtigheid van de vuurwerkwetgeving, de forse straffen en de nadelige gevolgen die een veroordeling kan hebben voor een VOG, is het aan te raden bij een verdenking contact op te nemen met een gespecialiseerd strafrechtadvocaat.
Wij zijn op de hoogte van de complexe wetgeving en kunnen u bijstaan in vuurwerkzaken voor de economische politierechter of economische kamer. Bel daarom gerust naar 020-3080085 en in geval van spoed op 06-42306929.
[1] Richtlijn voor strafvordering vuurwerkdelicten (2016R011)

 

[2] Rechtbank Overijssel 21 januari 2019, ECLI:NL:RBOVE:2019:150

 

[3] Gerechtshof Amsterdam 30 oktober 2018, ECLI:NL:GHAMS:2018:4202

Deel dit bericht:
Gerelateerde Posts